Landgoed Voorstonden

“Alsof er vijf eeuwen is geschilderd aan één schilderij, zo is er gebouwd, verbouwd en meestal liefdevol onderhouden aan Huis Voorstonden”, aldus eigenaar Egbert Hoogenberk. Havezathe Voorstonden werd bewoond door diverse families. Van Wisch (vóór 1543-1656), Schimmelpenninck van der Oije (1656-1781), Van Spaen (1781-1857), De Vos van Steenwijk (1857-1977) en Hoogenberk (1977-heden). De familie Hoogenberk trof het huis uitgewoond en vervallen aan. Vanaf 1938 was er niet meer echt gewoond. Er waren lekkages, er zat zwam in de kelder, er was geen verwarming. Vanaf foto’s zag Egbert Hoogenberk, op dat moment in Amerika, echter al de vele mogelijkheden van het huis. Ruim 40 jaren later woont en werkt hij er nog steeds.

Lees verder

Landgoed Spaensweerd

De historische buitenplaats Spaensweerd is gesticht in 1326 door de familie Spaen. Het is een neoclassistich huis met een parkachtige tuin, beiden rijksmonument. In de jaren 1873-1895 was Spaensweerd een jongenskostschool voor zonen van de beter gesitueerde burgerij en ook voor de wat welgesteldere boeren uit de omgeving. Er werd Nederlands, Frans en Wiskunde onderwezen. Doel was jongelieden op te leiden voor het internationale en handelsverkeer.

Lees verder

Huis Brunheim

Wij gaan terug naar het jaar 794. Een dijk vanaf de IJssel liep tot aan de boerenhofstede Brimnun, een woning van houten palissaden en leem, hoog en droog. Bodemvondsten tonen aan dat deze historische plek intensief is gebruikt door mensen: Pingsdorf aardewerk, kogelpotten, gouden knopfibula’s en rood geglazuurd aardewerk met motieven. Uit de eeuwen daarna zijn er bodemvondsten als Chinoiserie en pijpenkopjes. Op het terrein zijn ook een grote berg oesters en resten van wijnflessen gevonden, duidend op een bacchanaal. Misschien wel van Napoleon, die naar verluidt op of nabij het terrein een kampement zou hebben opgeslagen. In het Brummens archief is een bestek ontdekt van een verbouwing uit 1401. Huis Brunheim, zoals het er nu uitziet, dateert uit 1650.

Lees verder

De Brummense Overtuin

De Brummense Overtuin ligt midden in het oude centrum van het schilderachtige Brummen. De rolstoelvriendelijke Brummens Overtuin wordt bezocht door vele tuinliefhebbers, tuinclubs en internationale tuinreisgezelschappen. Vele oude huizen hadden een deel van hun tuin aan de overzijde van de weg liggen en sommige eigenaren gaven hun huis daarom de naam De Overtuin. Het terrein van de huidige Brummense Overtuin behoorde tot begin 20ste eeuw bij het pal tegenover gelegen huis. De laatste bewoner, die geen kinderen had, heeft het terrein ondergebracht in de Stichting Kromhout. De vorige eigenaar van de Brummense Overtuin, notaris Mr. van der Brugge, heeft een deel van dit terrein gekocht en heeft er in 1998 zijn woonhuis op laten bouwen. Het huis heeft door haar uiterlijk met luiken en veranda de uitstraling van een landhuis rond 1850. Dit wordt versterkt door de oude bomen, waarvan de 175 jaar oude liriodendron Tuliferum Grandiflora, de echte tulpenboom, het pronkstuk vormt.

Lees verder

Kasteel Engelenburg

Kasteel Groot Engelenburg is synoniem aan grandeur. De oprijlaan, de entree. De wijnen, de whisky’s. De serre, de zalen. De gerechten en geneugten van het uitzicht. Je kunt je haast niet voorstellen dat adellijke geslachten Groot Engelenburg vroeger soms alleen als zomerresidentie gebruikten. Per 1988 is Groot Engelenburg hotel, restaurant, golf- en conferentiecentrum. En het hele jaar open.

Lees verder

Klein Engelenburg

De geschiedenis van Klein Engelenburg gaat terug naar het jaar 1835, toen Judith van Lennep een wit herenhuis liet bouwen. Rond 1910 bouwde de toenmalige eigenaar, jonkheer S. van Citters, een zijvleugel aan het huis om zijn automobiel te kunnen stallen. De eerste auto van Brummen, het halve dorp stond paf. In 1912 is het herenhuis afgebroken en is het huidige landhuis, orangerie en tuinmanswoning gebouwd onder architectuur van architecten Feem en Bremer. De 80.000 m2 grond werd een parktuin naar een idee van tuinarchitect Leonard Springer. De tuin werd omgrensd door de Burgemeester de Wijslaan, de Engelenburgerlaan, Stationsstraat (station Brummen dateert van 1865) en de Spoorstraat. Er werden schitterende tuinfeesten gehouden waarbij de opritten van 300 meter sprookjesachtig werden versierd met honderden lampions.

Lees verder

Huize Veldzicht

Vanuit huize Veldzicht keken de bewoners aan de voorzijde uit op een veld (zie foto uit 1910).

In 1868 werd het huis te koop aangeboden

Te koop: Buitenverblijf Veldzicht te Brummen, bestaande uit een ‘wel ingerigt, zeer logeable, hecht en sterk HEERENHUIS, bevattende ruime zaal en 8 kamers, waarvan 3 ensuite, allen van stookplaatsen, ten deele met marmeren schoorsteenmantels voorzien, gang, keuken met wel- en regenwaterspomp, dienstboden- en provisiekamer, kelder enz. Voorts koethuis met stalling voor 4 paarden, bouwschuur met veestalling, tuin met vruchtboomen, tuinmanshuis en uitmuntend best bouw- en weideland, te zamen groot p.m. 7 bunder, alleraangenaamst gelegen aan den Rijksstraatweg nabij het Spoorwegstation te Brummen (Gelderland)’. Ook de inboedel werd te koop aangeboden, met onder meer kabinetten, linnenkasten, theetafels, piano, schilderijen, tapijten, zilverwerk en damast. Zelfs ‘een gunstig bekend bruin koetspaard’ en diverse koetsjes werden te koop aangeboden. Alles nagelaten door wijlen vrouwe J. l’Empereur Edelinck, weduwe van generaal-majoor W.A. Monhemius.

Lees verder

Huis te Eerbeek

De heren Van Bronkhorst waren in de 14e eeuw eigenaar van Eerbeek. Zij stichtten Huis te Eerbeek. In 1895 kopen prof. dr. Max Weber en zijn vrouw dr. Anna Weber-van Bosse het landgoed Huis te Eerbeek. Daarmee kreeg Eerbeek één van de belangrijkste zoölogen en een befaamd algologe als inwoners. Wetenschappers uit de hele wereld bezochten het landgoed. Diverse hoogleraren besloten om dicht in de buurt te zijn van Max Weber en verhuisden net als de Webers naar Eerbeek.

Lees verder

Huis Empe

Groot herenhuis met koetshuis, bouwjaar 1550, rijksmonument. Huis Empe was onderdeel van Hof te Empe met meerdere hoeven en visgebieden. ’t Huis Empe, zoals het er nu uitziet, is in vier stadia gebouwd. Dat is vooral goed te zien aan de achterzijde. Eerst het linkerdeel met de bordestrap (rond 1825), toen het deel met de terugspringende gevel (rond 1850), daarna de westvleugel met toren (rond 1900) en als laatste het bedienden huis aan de rechterzijde (rond 1930). Al rond 1900 werd er stromend water aangelegd in het hele huis, een eigen stroomvoorziening en een centrale verwarming. Het bedienden huis heeft een afwijkende bouwstijl. Dit is te zien aan de dakgoot en de kozijnen. In 1985 is Huis Empe met het koetshuis verdeeld in zes appartementen. Ook is er toen een stichting opgericht, die zorgt voor het voortbestaan van het eeuwenoude huis en tuin. De huidige bewoners wonen er met veel plezier. De buitenste paden van de parktuin van het grote huis zijn opengesteld voor publiek. Wandelaars lopen dan een eind tussen de privétuin en het moeras van een oude arm van de IJssel. Ook het bos achter het koetshuis is opengesteld. De wandelaar mag natuurlijk niet de privétuin betreden, dus houd de bordjes ‘privé’ in de gaten.

Lees verder

Huize De Beukenhorst

Bouwjaar 1828. Statige villa met een fraai park, door de eeuwen heen bewoond door adellijke families. Ook gebruikt als praktijk voor artsen. Vanaf 1951 tot 2010 werd de Beukenhorst bewoond door mevrouw baronesse Th. E. van Sytzama van der Feltz. Huize De Beukenhorst heeft per 2018 een nieuwe eigenaar.

Zutphensestraat 71, 6971 EH Brummen

Huize De Wildbaan

Bouwjaar omstreeks 1500, maar in 1910 opnieuw opgebouwd wegens te zwakke muren. Eerste bewoners waren jonkheer Karel van Gelre en graaf Herman Otto van Limburg Stirum.

Vanaf het moment dat Gerhard Casyn van der Hell, burgemeester van Arnhem, het huis in 1667 kocht, noemde hij zichzelf “Van der Hell tot de Wiltbaen”. De huidige eigenaar heeft het huis samen met de gemeente helemaal laten restaureren. Er wordt nu gewoond en gewerkt.

Lees verder

Landgoed Reuversweerd

Het rijksmonument Reuversweerd is rond 1830 gebouwd in empirestijl, de Franse stijl die bloeide in het keizerrijk van Napoleon. Reuversweerd was oorspronkelijk in het bezit van de Gelderse familie Colenbrander. Na het uitsterven daarvan kwam het in 1941 in bezit van Baron Van Sytzama. Landgoed Reuversweerd was een landgoed met een agrarische functie. Vele knechten en meiden deden het werk op vele hectaren grond. “Ja, bliksem nou, die mensen hadden overal land liggen, de Colenbranders en later de Sytzama’s”, aldus Hendrik Jan Wassink, zoon van een pachtboer. “Reuversweerd was een bekend hengstendepot en een stoeterij. Ze zijn daar begonnen voor de oorlog met de hengst Tobias, een Gelders peerd. Die stoeterij hield grote parades voor vooraanstaande personen en dan kwamen alle paarden op de baan en werden ze gemonsterd. Meneer deed overal uitleg van, van elk paard. In de goede tijd, nou, dan stonden er zekers tachtig paarden op stal. En ik denk met de jonge paarden erbij wel negentig.”

Lees verder

Oude Eik

De oude eik heeft een stamomtrek van ruim zes meter en is meer dan 350 jaar oud. Bij de eik hoort een legende van de spookboerderij. Meer dan 150 jaar stond de boerderij leeg, want er gebeurden onverklaarbare dingen die mensen angst aanjoegen. Felle branden, windvlagen, omgekomen vee en de verhanging aan de oude eik. Zou de geest van de verliefde boerenzoon hier ronddwalen?

Zutphensestraat 199, 6971 JT Brummen XY 208800, 459752

Wildobservatiepost Kiekuut

Observatiepost Kiekuut is gemaakt van hout uit het natuurgebied zelf, Landgoed Leusveld. In de zomer ontdek je in de graslanden bijzondere bloemen zoals de gevlekte orchis. In de bossen groeien bosanemoon en muskuskruid. Er leven uilen en drie soorten spechten. Ook zoogdieren voelen zich thuis op landgoed Leusveld. Das, ree, boommarter, bunzing en verschillende soorten vleermuizen kun je er tegenkomen. Er leven ook amfibieën en reptielen zoals de kamsalamander, de hazelworm en de ringslang.

Nabij Landgoed Leusveld (P), Rhienderensestraat 24, 6964 BG Hall XY 205666, 457761

De Oliemolen enorm blij met erkenning Unesco

“Leuk hè”, “fantastisch toch”, Johan van Zadelhoff van De Oliemolen in Eerbeek glundert. Zojuist heeft hij vernomen dat het molenaarsambacht is bestempeld als Unesco erfgoed. Het ambacht is ingeschreven op de Representatieve Lijst van immaterieel erfgoed van de mensheid bij Unesco.

Johan van Zadelhoff heeft het goede nieuws gelijk doorgegeven aan de molenaars van De Oliemolen, Bert Leusink, Bertran Somp en de molenaar in opleiding Judith Koens. “Een kadootje voor deze unieke molen”. Uniek omdat De Oliemolen als enige in  Nederland wordt aangedreven door een bovenslagwaterrad. “Het water valt van boven op het rad”.

Lees verder